Heeft scholing van het personeel invloed op de bewegingsvrijheid van ouderen met dementie? Jazeker, in elk geval in Noorwegen. Na scholing van het personeel in twee verpleeghuizen, nam daar het fixeren van de bewoners met de helft af.
Wat was het doel?
Dementie gaat vaak samen met gedrags- en psychologische problemen. Juist die problemen leiden vaak tot fixeren. Eerdere onderzoeken hebben al uitgewezen dat scholingsprogramma's deze gedragsproblemen kunnen verminderen. Leidt een scholingsprogramma tot minder gedrags- en psychologische problemen én minder fixeren? Daar waren de onderzoekers nieuwsgierig naar.
Aanpak
Het onderzoek vond plaats in vier verpleeghuizen in Noorwegen. Aselect (door middel van loting) werden twee verpleeghuizen toegewezen aan de experimentele groep. En de andere twee aan de controlegroep. In de experimentele groep vond de interventie, lees: scholing plaats. In de controlegroep ging de zorg op gewone voet verder.
Resultaten
Vóór het onderzoek
Bij aanvang van het onderzoek bleek er amper verschil te zijn in het fixeren tussen de onderzoeksgroepen. Het gemiddelde aantal vrijheidsbeperkende maatregelen per patiënt per week lag voor de controlegroep op 3.1, en voor de experimentele groep op 3.3.
Ná het onderzoek
Na het onderzoek bleek dat er in de experimentele groep significant minder werd gefixeerd dan in de controlegroep. Het fixeren was met maar liefst 50 procent afgenomen. Het gemiddelde aantal vrijheidsbeperkende maatregelen per patiënt per week lag op 1.7 in de experimentele groep, en op 3.7 in de controlegroep.
Opmerkelijk
Wat valt op? De gedrags- en psychologische problemen in de controlegroep waren gelijk gebleven. Maar in de experimentele groep waren ze juist toegenomen. Toch werd er in de experimentele groep significant minder gefixeerd. De onderzoekers suggereren dat de scholing ervoor zorgt dat niet - fixeren een nieuwe routine wordt voor de verpleging. En dat ze dus op een andere manier leren omgaan met het gedrag van de patiënt.
Details van het onderzoek
Aantal patiënten
De experimentele groep bestond uit 55 patiënten, de controlegroep uit 96 patiënten.
Metingen
Vóór en ná het onderzoek werden allerlei metingen verricht door iemand die niet wist aan welke groep het verpleeghuis was toegewezen en wat het doel van het onderzoek was. Uiteindelijk werd de informatie geanalyseerd van alle patiënten uit de experimentele groep en van 87 patiënten uit de controlegroep.
Demografische en klinische informatie werd verkregen door een interview met een verpleegkundige. Zij wist niet wat het doel van het onderzoek was. Verder werd de mate van dementie gemeten met de Clinical Dementia Rating (CDR). Agitatie werd gemeten met de Brief Agitation Rating Scale (BARS). De frequentie van fixeren tenslotte werd gemeten door middel van een gestandaardiseerd interview.
Over de scholing
De scholing bestond uit twee delen en duurde in totaal zeven maanden. Het eerste deel bestond uit een zes uur durende bijeenkomst. Daar kwamen de volgende thema’s aan bod: agressie en probleemgedrag; hoe komen beslissingen over fixeren tot stand en wat zijn mogelijke alternatieven? In het tweede deel kreeg elke groep één uur per week begeleiding.
Beperking
Beperking van dit onderzoek is het kleine aantal proefpersonen. Daarnaast is de meting verricht aan de hand van verpleegkundigen die deelnamen aan het onderzoek. Zij kunnen het onderzoek mogelijk hebben beïnvloed door hun antwoorden. Goed is dat degene die de metingen uitvoerde, niet wist wat doel en aanpak van het onderzoek was.
Bron
‘The effect of staff training on the use of restraint in dementia: a single-blind randomised controlled trial. I. Tedstad, A.M. Aasland, D. Aarsland.
International journal of geriatric psychiatry. Volume 20, 2005.